Rijksuniversiteit Groningen / Publicaties van de Chemiewinkel
 
English | Nederlands

Gemeentelijke ontwikkelingssamenwerking en duurzame ontwikkeling, een onderzoek naar de relatie tussen ontwikkelingssamenwerking en duurzame ontwikkeling op gemeentelijk niveau

(1999) Wiersma, Gerwin

In 1992 vond in Rio de Janeiro een internationale conferentie over milieu en ontwikkeling plaats. Hieruit is onder andere Agenda 21 voortgekomen, een wereldwijd actieprogramma voor duurzame ontwikkeling in de 21e eeuw. Daarin worden een tweetal belangrijke aspecten van duurzame ontwikkeling verwoord. In de eerste plaats is dat de wederzijdse afhankelijkheid van geïndustrialiseerde landen en ontwikke-lingslanden bij het streven naar duurzame maatschappij. In de tweede plaats wordt erkend dat, hoewel de problematiek zich op een mondiale schaal afspeelt, oplossingen lokaal moeten worden geïmplementeerd.
In de voorliggende studie wordt dieper ingegaan op de relatie tussen ontwikkelings-samenwerking en duurzame ontwikkeling op gemeentelijk niveau. Doel van het onderzoek is enerzijds het effect van Agenda 21 op de gemeentelijke ontwikkelings-samenwerking te bepalen en anderzijds na te gaan welke mogelijkheden gemeenten hebben om het duurzame ontwikkelingsproces te versterken.
In dit onderzoek wordt, op basis van een literatuuronderzoek, een theoretisch kader geschetst voor duurzame ontwikkelings-samenwerking. Het blijkt dat het concept duurzame ontwikkeling heeft geleid tot een veranderend beeld van ontwikkelings-samenwerking. De idee dat er veel samenhang bestaat tussen de verschillende aandachtsvelden in de ontwikkelings-samenwerking en dat alleen een geïntegreerde aanpak van de problematiek een oplossing kan bieden, begint meer en meer ingang te vinden. Vanuit dit kader wordt nagegaan waar de mogelijkheden voor gemeentelijke duurzame ontwikkelingssamenwerking liggen.
Hiernaast wordt aangegeven hoe gemeenten momenteel vormgeven aan het begrip duurzame ontwikkeling in de ontwikkelingssamenwerking en met welke knelpunten zij daarbij geconfronteerd worden. Om dat te achterhalen, is een enquête gestuurd aan 15 gemeente ambtenaren met ontwikkelingssamenwerking in hun takenpakket. Daarnaast zijn gesprekken gevoerd met een aantal deskundigen op het gebied van (gemeentelijke) ontwikkelingssamen-werking.
In de theorievorming rond duurzame ontwikkelingssamenwerking worden in dit onderzoek drie niveau's onderscheiden:
•projecten
•integratie
•wederkerigheid
De basis van ontwikkelingssamenwerking bestaat uit concrete hulpverlening aan ontwikkelings-landen in de vorm van activiteiten en projecten. Gemeenten geven hier vorm aan door zowel materiele projecten uit te voeren als projecten op het gebied van opbouw van lokaal bestuur. Integratie heeft zowel betrekking op de implementatie van projecten in ontwikkelings-landen als op de beleidsvorming in de Nederlandse gemeenten. In de ideale situatie omvat duurzame ontwikkelingssamenwerking een integratie van economische, sociale en milieuaspecten, met aandacht voor gelijkwaardigheid en wederkerigheid tussen beide partners. Om zo goed mogelijk specifieke kennis in te kunnen zetten in een bepaald project is een intensieve samenwerking van verschillende ambtelijke diensten en maatschappelijke organisaties van belang. Het begrip wederkerigheid heeft betrekking op de koppeling van de problematiek in ontwikkelingslanden met die in geïndustrialiseerde landen. Implementatie van dit begrip verkeert nog in een beginstadium. In sommige gemeen-ten worden concrete duurzaamheidsprojecten gekoppeld aan ontwikkelingshulpprojecten.
In de geënquêteerde gemeenten blijkt het begrip duurzame ontwikkeling zowel in de beleidsvorming als in de uitvoering van het beleid een belangrijke rol te spelen. Enkele belangrijke knelpunten zijn:
•gebrek aan draagvlak in de gemeenteraad en onder de eigen bevolking
•afhankelijkheid van fondswerving
•complexiteit van de problematiek
•gebrekkige samenhang tussen projecten op het gebied van opbouw van lokaal bestuur en materiële projecten
Uit het onderzoek komen de volgende conclusies en aanbevelingen voor het versterken van de gemeentelijke duurzame ontwikkelingssamenwerking naar voren:
1.Gemeenten spelen een hele specifieke rol op de ontwikkelingssamenwerkingsmarkt. Met name ten aanzien van het stimuleren van mondiale duurzame ontwikkeling is de inbreng van gemeenten van belang. Op lokaal niveau vormen gevestigde politieke en economische belangen een minder grote belemmering dan op nationaal of internationaal niveau. Daarmee hebben gemeenten de mogelijkheid om ontwikkelings-samenwerking te combineren met duurzame ontwikkelingsbeleid in de eigen regio. Gemeenten zijn dus in principe beter in staat het aspect 'wederkerigheid' vorm te geven in de ontwikkelings-samenwerking dan nationale overheden. Dit stimuleert bewustwording van het mondiale duurzaamheidsprobleem in de eigen gemeente en creëert een breder draagvlak bij de bevolking (en in de gemeenteraad) voor duurzame ontwikkelingssamenwerking. Wederkerigheid verdient meer aandacht en zou kunnen worden opgenomen in de Lokale Agenda 21's.
2.Gemeenten zijn goed in het opbouwen en ondersteunen van lokaal bestuur. Voor het welslagen van projecten is capabel bestuur in de partnergemeente een pre. Het verdient dus aanbeveling concrete gemeentelijke ontwikkelingsprojecten uit te voeren in samenhang met de opbouw van lokaal bestuur.
3.Langdurige relaties tussen partnergemeenten vergroten vertrouwen en kennis en dragen zo bij aan het welslagen van projecten. Het maakt lange termijn beleid ook beter mogelijk.
4.De flexibiliteit van de gemeentelijke ontwikke-lingssamenwerking is behoorlijk groot. Dat is vooral te danken aan de organisatiestructuur, waarin de gemeente een coördinerende en faciliterende rol speelt. Dat betekent dat gemeenten niet op alle gebieden kennis in huis hoeven te hebben om de ontwikkelingsproblematiek aan te pak-ken, maar dat zij daarvoor geëigende organisaties kunnen vragen mee te werken. Op die manier kan optimaal gebruik gemaakt worden van aanwezige expertise van maatschap-pelijke organisaties, bedrijven en burgers in de eigen gemeente.
Gemeenten werken tot nu toe alleen samen met stedenbandstichtingen en (soms via deze) met ontwikkelingshulporganisaties. Voor duurzame ontwikkelingssamenwerking zou de gemeente ook kunnen samenwerken met de in praktisch elke gemeente aanwezige milieuorganisaties en eventuele andere NGOs. De VNG werkt tot nu toe alleen met gemeenten (en gemeenteambtenaren). In sommige gevallen zou een directe samenwerking tussen VNG en stedenbandstichting beter zijn.
5.Duurzame ontwikkelingssamenwerking kan worden versterkt door te komen tot een facet beleid, waardoor alle gemeentelijke beleidssectoren en diensten bij de internationale samenwerking betrokken zijn. Internationale samenwerking wordt zo uit de periferie van gemeentelijk beleid gehaald. Dit vergt echter meer van de coördinatie van het beleid en lange termijn planning, hetgeen de huidige flexibiliteit van de gemeenten in ontwikkelings-samenwerking kan verkleinen. Het resultaat is echter meer betrokkenheid van alle diensten, waardoor meer capaciteit ontstaat om partnergemeenten te ondersteunen. Ook zal de uitstraling naar de eigen inwoners en de gemeenteraad toenemen.
6.Het thema energie is vrij eenvoudig vorm te geven als het gaat om duurzame ontwikkelingssamenwerking. Over duurzame energieopwekking en mogelijkheden om energie te besparen is reeds veel bekend, en energiebesparing is in Nederland een van belangrijkste aandachtspunten voor duurzame ontwikkeling; een koppeling van projecten met duurzame energie projecten in ontwikkelingslanden is dus een geschikte strategie. Er zijn echter ook andere duurzaamheids-thema's die in de ontwikkelings-samenwerking geïncorporeerd kunnen worden, zoals watergebruik, (over)consumptie en afvalproductie.
De niche voor gemeentelijke duurzame ontwikkelingssamenwerking ligt dus in de combinatie van projecten met opbouw van lokaal bestuur en in het integreren van het wederkerigheids-aspect in de ontwikkelingssamenwerking. Het uitvoeren van energieprojecten biedt in dit kader aantrekkelijke mogelijkheden.




file:samenvatting

Gebruik a.u.b. deze link om te verwijzen naar dit document:
http://irs.ub.rug.nl/dbi/490ac6f91baa0


 
To top